Leefgebieden van dieren: kleuren en vergelijken
Bekijk de beer bij de bosbeek, de uilen in de boomholte, de eend tussen waterlelies, de capibara bij de vijver, de zeeschildpad tussen koralen en de dolfijn boven de golven. Een dier kan meer dan één soort omgeving gebruiken.
6 kleurplaten · Verschillende moeilijkheidsgraden
Dit heb je nodig
- Afgedrukte kleurplaten naar keuze
- Kleurpotloden of waskrijtjes
- Eventueel: drie stukjes papier voor groepsnamen
Kleurplaten bij deze activiteit
Zo doe je mee
Zoek een aanwijzing
Wijs vóór het kleuren bomen, water, bladeren of een schuilplek aan. Praten of aanwijzen mag; schrijven hoeft niet. Kies de capibara of dolfijn voor een korte kleurbeurt. De beer, eend en koralen hebben meer details.
Groepeer de scènes
Een volwassene kan Bos, Zoetwateroevers en Zee opschrijven. Leg beer en uilen bij Bos, eend en capibara bij Zoetwateroevers, en schildpad en dolfijn bij Zee. Gebruik hele vellen, zonder knippen. Dit zijn voorbeelden van verschillende plekken, geen dieren die allemaal op dezelfde plek samenleven.
Laat groepen overlappen
De beek van de beer is ook water: die plaat mag tussen twee groepen liggen. Wat biedt de boomholte? Waar kan de capibara van land naar water gaan? Sommige uilensoorten gebruiken boomholtes, maar niet alle. Zeeschildpadden gebruiken ook stranden om eieren te leggen. Deze dolfijn staat in een zeescène; niet alle dolfijnsoorten leven in zee. Een leefgebied omvat de plekken en middelen die een dier nodig heeft.
Kleur en maak je selectie
Kies je eigen kleuren en vertel welke aanwijzing hielp. Voeg de zes platen toe aan de printlijst, verwijder er een paar of verander de volgorde. Print de lijst of download de PDF. Zes platen met het optionele voorblad zijn zeven pagina’s.
Nog een idee
Kies een scène, teken op een ander vel een passend detail van de omgeving en leg je keuze uit. Vergelijk de aanwijzingen als voorbeelden van verschillende plekken.






